A human being is part of the whole called by us universe, a part limited in time and space. We experience ourselves, our thoughts and feelings as something separate from the rest. A kind of optical delusion of consciousness.

This delusion is a kind of prison for us, restricting us to our personal desires and to affection for a few persons nearest to us. Our task must be to free ourselves from the prison by widening our circle of compassion to embrace all living creatures and the whole of nature in its beautyÖ

The true value of a human being is determined primarily by the measure and the sense in which they have obtained liberation from the self.

We shall require a substantially new manner of thinking if humanity is to survive. (Albert Einstein, 1954)


uit NIELS HOLGERSSON'S WONDERBARE REIS - Selma LagerlŲf
. . . Maar dat was niet zo gemakkelijk, want hij wist niet, hoe hij ooit naar beneden zou durven kijken.

. . . 'Maar ik geloof niet dat ik me op zulk een reis zal kunnen redden,' zei de ganzerik, 'en nu wou ik je vragen, of je mee zou kunnen gaan en me helpen.'

. . . 'Och, je zou niet met mij willen ruilen,' zei hij tegen de student. 'Wie eenmaal student is, kan toch nooit anders willen wezen.'

. . . Hij was even klein als toen hij heenging en hij was precies zo gekleed, maar hij was toch helemaal veranderd.

. . . 'Wees welkom,' zei Vader. Hij kon geen woord meer uitbrengen. Maar de jongen bleef nog op de drempel staan. Hij kon niet begrijpen dat ze zo blij waren met hem, zoals hij nu was. maar toen kwam Moeder en sloeg de armen om zijn hals en trok hem mee in de kamer. En toen eerst begreep hij, wat er gebeurd was. 'Moeder, Vader! Ik ben groot! Ik ben weer een mens geworden!' riep hij.

na een Burnout ofwel . . .
Fenix VOGEL VAN DE ZON
Plotseling was er een lichtflits, vlammen sloegen op uit het nest en de Phoenix veranderde in een laaiende vuurbol.

Na een poosje doofden de vlammen uit. De boom was niet verbrand en het nest ook niet. Maar de Phoenix was verdwenen en in het nest lag een hoopje zilvergrijze as.

De as begon te beven en kwam langzaam omhoog... en van onder de as rees een jonge Phoenix op. Hij was klein en zag er wat verfomfaaid uit. Maar hij strekte zijn nek en zijn vleugels en sloeg ze uit. Hij werd zienderogen groter, tot hij net zo groot was als de oude Phoenix. Hij keek om zich heen en vond het ei van mirre, holde het uit, stopte de as erin en sloot het ei weer. En toen hief de Phoenix zijn kop op en zong: "Zon, o, schitterende zon, alleen voor jou zal ik mijn lied zingen! Voor altijd en altijd!"

STROOMEND WATER - Jacob IsraŽl de Haan
Het water breekt zich uit de diepe bron.
Het ziet het licht en juicht blijde verrast.
Straks stijgt het weder zalig naar de zon
Dat nu van de rots naar beneden plast.